
Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds
Artikel 4
1
De Stichting Spoorwegpensioenfonds is aan de Staat der Nederlanden een bedrag verschuldigd ter grootte van het gereserveerde vermogen dat bestemd is voor de aanspraken voortvloeiende uit reeds ingegane invaliditeitspensioenen op grond van de Spoorwegpensioenwet op de dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van deze wet, voorzover die aanspraken het niveau van overeenkomstige aanspraken op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering niet te boven gaan.
2
Het vermogen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van de opgebouwde rechten, waarvan het bedrag wordt vastgesteld door een door Onze Minister aangewezen accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek alsmede een door Onze Minister aangewezen actuaris.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.